Is jouw belegging wel zo groen als je denkt?

Onlangs kreeg ik de vraag van iemand om eens te controleren of haar beleggingsportfolio wel zo groen was. Het begon goed. Op de site stond het mooi verwoord: “duurzaam, belastingefficiënt en lage kosten”. Maar dat bleek bij nader inzien toch wat tegen te vallen. Dit is wat ik tegenkwam in mijn zoektocht.

Greenwashing, ook bij beleggingsfondsen?

Groen beleggen is hip en dat merken ook de beheerders van beleggingsfondsen. Dus kun je tegenwoordig bij bijna elke bank of andere financiële instelling wel een duurzaam/groen beleggingsfonds kiezen. In dit specifieke geval deed ik onderzoek naar een van de fondsen van Meesman, namelijk Aandelen Wereldwijd Totaal. Nu schrijf ik met lichte tegenzin deze naam op omdat ik ze niet in een goed daglicht ga zetten en dat is misschien niet netjes. Maar ik wil ook dat mensen weten hoe het zit en neem ik dit als voorbeeld omdat ik hier nu ingedoken ben.

Op de pagina van het fonds staat met een mooi groen logo een blokje over hoe duurzaam dit fonds is. Geruststellend. Toch?

Screenshot van de website van Meesman genomen op 19-07-2021

Hierdoor werd ik nieuwsgierig en klikte natuurlijk op ‘lees meer’ om meer te lezen over welke maatstaven ze hanteren rondom duurzaamheid. Daar las ik de volgende zin: “Alleen voor kleine bedrijven geldt dat ook bedrijven met fossiele brandstof reserves en een (relatief) hoge CO2 uitstoot worden uitgesloten.” Dat betekent dus dat grote bedrijven, dus ook de grootste uitstoters in deze categorie, wel in het portfolio mogen. En wat schetst mijn verbazing, ik tref inderdaad Exxon Mobil, een van de grootste beursgenoteerde olie- en gasbedrijven ter wereld, zit gewoon in het portfolio. Daarnaast zitten er ook nog een handvol vliegtuigmaatschappijen (oa. LuftHansa, Delta Air, Air Canada) en een bank (ABN) die in 2020 samen met ING nog 6,5 miljard investeerde in de rundvleesproductie. Voor mij genoeg redenen om niet in zo’n fonds te investeren.

Hier kun je het volledige overzicht van bedrijven uit het portfolio “Wereldwijd totaal” zien (Let op: bestand is 2MB).

Nu moet ik toegeven dat ze niet beweren een officieel groenfonds te zijn, maar de manier waarop het fonds gepresenteerd wordt op de site vind ik toch behoorlijk misleidend.

Doe zelf onderzoek

Voordat je ergens in stapt raad ik je altijd aan zelf goed onderzoek te doen! Nu is dat misschien niet heel makkelijk als je niet thuis bent in deze wereld, maar het kan wel voorkomen dat je later voor (vervelende) verrassingen komt te staan. Ik raad je aan om tenminste altijd de volgende twee dingen te doen:

  • Check het fonds op een site zoals Morningstar. Dit is een onafhankelijke instelling die fondsen beoordeeld op onder andere duurzaamheid. Ik heb het al eens eerder besproken in de blog over de fondsen van ASN en Triodos. En je kunt hier dus heel eenvoudig checken welke duurzaamheidsscore jouw fonds krijgt. Dit kun je doen door op de website van Morningstar linksboven te zoeken op de naam van jouw fonds. In het geval van het fonds van Meesman stond hier direct al aangegeven dat dit officieel geen duurzaam fonds is, dus zou hier al van mijn lijstje worden geschrapt.
  • Check het portfolio van het fonds. Dit is niet altijd makkelijk, met name omdat het vaak een hele lange lijst bedrijven is en je waarschijnlijk niet alle bedrijven kent. Maar het kan, zoals bovenstaande aantoont, wel goed zijn om af en toe eens een steekproef te doen en te kijken wat je vind. Hier vind je bijvoorbeeld het porfolio van ASN (gelukkig zonder Exxon Mobil en luchtvaartmaatschappijen 🙂 )

Goed nieuws: strengere regels voor groene beleggingen

Er is ook goed nieuws gelukkig, er komen strengere regels vanuit de EU. Als je straks nog het label European green bond standard (EUGBS) wil ontvangen, dan moet je aan een set strenge regels voldoen en aan kunnen tonen dat je het milieu geen schade toedient. Ook wordt je door een extern, objectief bureau gecontroleerd om dat laatste te checken. Hopelijk zorgt dit ervoor dat duidelijker wordt welke investeringen echt groen zijn en welke niet. De vraag blijft alleen of op termijn uitingen zoals op de site van Meesman ook strenger zullen worden aangepakt. Tot die tijd kunnen we als consument in ieder geval altijd beslissen wat we met ons geld doen en dat zou dan een trigger moeten zijn voor dit soort partijen om het beter te doen!

Waarom groen beleggen ook voor jou een goed idee is (en makkelijker dan je denkt)

De meeste mensen beleggen omdat ze graag willen dat hun geld meer waard wordt (en het tegenwoordig zonde is om het op een spaarrekening te laten staan). In de zoektocht naar een goed beleggingsfonds worden meestal gemak en rendement als belangrijkste overweging meegenomen. Dat is wat mij betreft een gemiste kans! Het klinkt te mooi om waar te zijn, maar je kunt echt eenvoudig beleggen met een goed rendement én je geld tegelijkertijd inzetten voor iets goeds. Hoe dat werkt lees je in deze blog. 

Waarom maakt het iets uit? 

Even een stapje terug. Waarom maakt het überhaupt uit waar je in belegt, je wilt toch gewoon het beste rendement passend bij jouw risicoprofiel? Ja, natuurlijk is het fijn om een lekker rendement op je belegging te ontvangen. Maar er zit ook een andere kant aan.

Er wordt weleens gezegd: “je stemt met je geld”. Oftewel, elke keer dat je geld uitgeeft oefen je invloed uit. Dat werkt zo in de supermarkt of kledingwinkel, maar ook in de financiële wereld. Waar je je geld aan besteed, of in dit geval waar je geld in investeert, heeft impact. Als jij aandelen Shell koopt vergroot je de vraag naar dat aandeel en stijgt het in waarde. Tenzij je het op de manier van Follow This doet, is dat niet wat je wilt als je het beste met de wereld voor hebt. Door voor groene bedrijven of projecten te kiezen zorg je ervoor dat die projecten of bedrijven de financiële ruimte krijgen om te groeien en te slagen in hun missie.

Daarnaast heeft het nog een wat indirecter effect. Groene beleggingen worden steeds populairder (daar kan jij aan bijdragen ;-)), dat zorgt ervoor dat het voor bedrijven aantrekkelijker wordt om in zo’n groen portfolio te komen. Daarvoor gelden wel strenge selectiecriteria dus moeten deze bedrijven aan de bak met hun duurzaamheid, willen ze in aanmerking komen voor zo’n duurzaam beleggingsportfolio.

Maar ik wil gewoon goed rendement op m’n belegging

Het korte antwoord is: dat kan. Ook op groene, duurzame beleggingen kun je een heel goed rendement behalen. Ik schreef er eerder een blog over. Waar het op neer komt is dat groene beleggingen feitelijk heel goed scoren wat betreft rendement. 

Win-win-win-situatie

Je dus kunt iets goeds doen met je geld en tegelijkertijd een mooi rendement halen op je investeren (en daar weer mooie dingen mee doen natuurlijk!). Jij blij met het rendement, bedrijven en projecten blij met jouw investering en de aarde wordt er ook blij van. Win-win-win dus.

Feit of fabel: Groen beleggen levert minder rendement

“Ja, bepaalde groene beleggingen kunnen je belastingvoordelen opleveren, maar voor de rest is groen beleggen vooral goed voor een schoon geweten, niet voor je portomonee.” Klinkt aannemelijk, maar is dat eigenlijk (nog) wel zo? In dit artikel duik ik in een aantal verschillende groene, duurzame beleggingsfondsen en zet de prestaties af tegen reguliere beleggingsfondsen. Ik had deze resultaten niet verwacht!

Appels met groene beleggingen vergelijken?

Om een goede vergelijking te maken moet je eerst goed kijken naar wat voor fondsen je wil analyseren, dat zijn er nogal wat namelijk. Voor je het weet ben je appels met peren aan het vergelijken. Een regulier fonds in obligaties zal het qua rendement (vrijwel) altijd verliezen van een duurzaam beleggingsfonds in aandelen. Om een goede vergelijking te kunnen maken kijken we in dit artikel alleen naar aandelen en naar bedrijven van vergelijkbare grootte. De branches waarin deze bedrijven actief zijn verschillen wel, dat komt met name omdat groene bedrijven vaak in de technologiehoek zitten terwijl in praktisch elke branch wel ‘reguliere’ beursgenoteerde bedrijven te vinden zijn.

Groen beleggen beter dan reguliere beleggingen

In Nederland beleggen we het liefst in grote, stabiele bedrijven, graag ook nog van eigen bodem. Daarom staan bedrijven als Shell, ING, DSM en Ahold al jaren hoog in de lijstjes van Nederlandse beleggers. En hoewel deze bedrijven inderdaad stabiel groeien en vaak ook nog dividend uitkeren aan beleggers, blijven deze traditionele bedrijven achter bij groene bedrijven. Dat blijkt uit onderzoek, maar is ook mooi te zien in de Global Markets Sustainability Leaders Index. In deze index worden bedrijven met een hoge score op duurzaamheid afgezet tegen de rest van de markt.

Over de afgelopen 3 jaar (zie ook onderstaande grafiek) boekte de Global Markets Sustainability Leaders Index een gemiddeld rendement van 13,5% terwijl de vergelijkbare bedrijven in de markt een gemiddeld rendement behaalden van 11%. Een winst voor groene bedrijven dus!

Groene beleggingen vs. reguliere beleggingen begin 2018 tot eind 2020 (bron: Morningstar)

Nu is de tijd om groen te beleggen

Onlangs hoorde ik deze mooie uitdrukking (vertaald uit het engels): “de beste tijd om een boom te planten is 5 jaar geleden, de tweede beste optie is vandaag”. Zo is het ook met beleggen. Het beste moment om in een duurzaam beleggingsfonds te stappen was jaren geleden. Helaas kunnen we dat niet meer regelen, maar we kunnen wel vandaag actie ondernemen. Als ik het nieuws een beetje volg zie ik ontzettend veel nieuwsberichten over beleid dat groener wordt en zelfs de rechter die beslist dat bedrijven moeten vergroenen. Dat betekent wat voor de groene bedrijven en dus de aandelen van die bedrijven. Grote kans dat bedrijven in zonnepanelen, meer panelen gaan verkopen als de overheid besluit dit nog meer te stimuleren. Hetzelfde geldt voor windmolens, elektrische auto’s , waterstof etc. etc.

We moeten met z’n allen richting een duurzamere wereld, en hoewel dat in mijn ogen nog lang niet snel genoeg gaat heeft dat wel gevolgen voor de bedrijven die daar wel of juist niet mee bezig zijn. Groene bedrijven zullen profiteren van een grotere vraag en mogelijk zelfs subsidies voor hun producten of diensten. De niet zo groene bedrijven zullen hun vraag en daarmee hun omzet en op termijn waarschijnlijk ook hun waarde zien afnemen. Dat betekent dat ze ook minder gaan renderen op de beurs. Ik ben natuurlijk geen financieel adviseur, maar als ik ergens mijn geld op moest inzetten, dan wist ik het wel!

Beste duurzame belegging: ASN Bank vs Triodos Bank

De twee bekendste duurzame banken in Nederland zijn ASN en Triodos. Beide banken bieden ook een mooie reeks beleggingsproducten aan. Om te ervaren wat de verschillen en overeenkomsten zijn heb ik bij beide banken een beleggingsrekening geopend. In deze blog lees je welke het beste bij jou past en hoe je kunt starten met beleggen als je al klant bent bij een van deze banken. Het is weer best een lange blog geworden dus hierbij even linkjes naar de verschillende onderdelen: Het aanbod, Kosten en Rendement, Duurzaamheid en Gebruiksgemak.

In dit artikel lees je:

– Dat het aanbod bij beide banken ruim is en nogal op elkaar lijkt
– Dat het rendement elkaar ook niet veel ontloopt, maar dat je bij ASN geen aan- en verkoopkosten hebt
– Dat starten met beleggen bij beide banken redelijk eenvoudig is, dat de app van Triodos iets mooier is, maar wel minder informatie bevat dan die van ASN.

Het aanbod bij Triodos vs ASN

Om eerlijk te zijn lijkt het aanbod van beide banken heel erg op elkaar. Beide banken hebben zogenaamde mixfondsen waarin je in verschillende gradaties van risico en rendement (die twee gaan hand-in-hand, meer rendement betekent bijna altijd ook meer risico).

Aanbod bij de Triodos Bank

Bij Triodos heb je 3 mixfondsen: defensief, neutraal en offensief, allemaal met verschillende verhoudingen van obligaties en aandelen. Daarnaast kun je ook nog kiezen voor een fonds met 100% obligaties en een ander fonds dat helemaal bestaat uit aandelen van grote beursgenoteerde bedrijven. Een andere mogelijkheid is om in aandelen van kleinere bedrijven te stappen, het zogenaamde ‘Pioneer Impact Fund’. Deze laatste is interessant omdat het verwachte rendement het hoogst is, maar omdat het kleinere, soms jonge bedrijven zijn, is het bijbehorende risico daarom ook wat groter.

Hiernaast heeft Triodos nog een 4 ‘Themafondsen’. Deze fondsen hebben een wat lager rendement (en dus ook lager risico). Zo kun je bijvoorbeeld kiezen voor het ‘Triodos Energy Transition Europe Fund’ waarbij de bank dan jouw geld investeert in projecten die de transitie naar duurzame energie versnellen. Mooie fondsen voor de lange termijn, bijvoorbeeld voor een (aanvullend) pensioen.

Aanbod bij de ASN Bank

Zoals ik al zei, het aanbod van ASN lijkt heel erg op dat van Triodos. Ook ASN heeft een aantal mixfondsen met ook weer een mix van aandelen en obligaties. Anders dan bij Triodos belegt ASN ook een deel van het portfolio in microkredieten. Dat zorgt voor een iets betere spreiding van het portfolio en kan het risico wat drukken. Bij ASN kun je uit maar liefst 5 mixfondsen (Zeer defensief, defensief, neutraal, offensief en zeer offensief) kiezen. Dat zorgt ervoor dat je echt wel een fonds kan vinden dat past bij jou doelen en risicoprofiel.

Naast de 5 mixfondsen heeft ASN ook nog 7 andere fondsen:

Screenshot van de website van ASN van juni 2021

Ook hier kun je kiezen voor 100% obligaties of 100% aandelen van kleinere bedrijven, net als bij Triodos. En ook vergelijkbaar zijn de fondsen die investeren in duurzame projecten en de mogelijkheid om volledig in microkredieten te investeren (bij Triodos heet dat laatste ‘Fair Share Fund’ ).

Rendement en kosten

Een belangrijke afweging (voor de meeste mensen) bij het kiezen van een belegging is het rendement. En bij een belegging die je niet zelf beheert, zoals bij een bank, horen ook kosten. Hieronder enkele van de fondsen van de 2 banken naast elkaar gezet om een zo goed mogelijke vergelijking te kunnen maken:

Triodos% 5jASN% 5j
100% aandelenPioneer impact fund10,8Small & midcap fund11,31
100% obligatiesEuro bond impact0,67Obligatiefonds0,58
100% microkredietFair share fund1,71Microkredietfonds1,16
Mixfonds meest offensiefMixed fund – offensive– (14,7 1j)Mixfonds zeer offensief10,39
Hoogste rendementPioneer impact fund10,8Milieu & waterfonds12,38
Obv gegevens bekend in juni 2021. NB van het mixfonds van Triodos zijn nog geen 5-jaarsgegevens bekend omdat het fonds pas in 2019 is gestart.

Zoals je kunt zien ontlopen de rendementen elkaar niet veel, dat is met de kosten niet anders. Bij Triodos zijn de jaarlijkse kosten (voor de meeste fondsen) rond de 1,3%, er zijn wel wat uitzonderingen, zo betaal je voor het Pioneer impact fund 1,78%. Let wel deze kosten zijn al van het rendement afgehaald in bovenstaande tabel, dus je rekent daar met netto, verwacht, rendement. Naast de jaarlijkse kosten heb je ook nog aan- en verkoopkosten van 0,4%, 0,2% als je maandelijks inlegt.

Bij ASN liggen de jaarlijkse kosten iets lager, rond de 1,2%. Groot voordeel is dat je bij ASN geen aan- en verkoopkosten betaalt. Het maakt dus niet uit of je vaak geld bij of afschrijft op je beleggingsrekening. Nu is beleggen natuurlijk meestal voor de lange termijn, maar het voelt toch fijn om te weten dat er geen drempel is om geld bij of af te schrijven van je rekening.

Duurzaamheid van beleggen bij ASN vs Triodos

Dat waar het nu eigenlijk om gaat op deze site; wordt de wereld beter van wat jij doet met je geld? Een makkelijke manier om wat objectieve data te vinden over het fonds waar je in wilt beleggen is de site van Morningstar. Door te zoeken op de naam van het fonds waarin je wilt investeren krijg je een mooi overzicht van bijvoorbeeld het rendement ten opzichte van andere fondsen. Maar belangrijker nog, Morgingstar geeft duurzaamheidsscores aan de fondsen. De makkelijkste manier om het te lezen is te kijken naar de ‘wereldbollen’. Deze rating, op een schaal van 1 tot 5 wereldbollen geeft een snel inzicht in de duurzaamheid van het fonds. Voor het mixfonds van ASN ziet dat er bijvoorbeeld zo uit:

Duurzaamheidsscore ofwel sustainability rating van morningstar voor het beleggingsfonds Mixfonds offensief van de ASN Bank
Duurzaamheidsscore Mixfonds offensief ASN Bank

Zoals je kunt zien krijgt dit fonds 5 wereldbollen, de hoogste score. Gelukkig geldt dat voor de meeste fondsen van ASN en Triodos, maar er zitten hier en daar kleine verschillen in de score. Dit hangt af van de samenstelling van het portfolio. Morningstar beoordeeld namelijk het portfolio van bijvoorbeeld een zogenaamd ‘Impact fund’ op 3 kenmerken volgens het ESG model: Environmental, Social en Governance. Ofwel, hoe gaat een bedrijf om met het milieu en de wereld waarin we leven, hoe goed is het voor medewerkers en de gemeenschap en hoe goed en ethisch wordt een bedrijf bestuurd. De scores op de individuele onderwerpen worden gecombineerd tot een totaalscore die Morningstar vervolgens uitdrukt in de wereldbollen. Wil je meer weten over hoe de score tot stand komt? Dan kun je hier meer lezen over de factoren die meespelen in de beoordeling (Engels).

De meeste fondsen van beide banken (die beoordeeld zijn) scoren goed, maar er zijn wel verschillen. De Mixfondsen van ASN scoren allemaal 5 wereldbollen, het Small & midcap fonds echter maar 2. Goed om even naar te kijken voor je ergens instapt! Als je het echt grondig wilt aanpakken raad ik je altijd aan om op de pagina van het fonds waarin je geïnteresseerd bent even het portfolio te bekijken. Daarin zie je wat voor projecten en bedrijven in het portfolio zitten. Zo weet je goed waar je geld heengaat en of je het daarmee eens bent. Zo zag ik dat bij een van de fondsen van Triodos ook Toyota in het portfolio zit, ik heb toen besloten om (nog) niet in dat fonds te investeren omdat Toyota de laatste jaren veel dingen heeft gedaan om de overgang naar schoon transport te frustreren. Misschien overdreven principieel, maar ja voor mij voelde dat niet goed.

Gebruiksgemak bij ASN vs. Triodos

Om dit te testen heb ik bij beide banken een beleggingsrekening geopend. Dat was eigenlijk bij beide banken heel eenvoudig. Nu scheelt het wel iets dat ik al klant was bij beide banken, maar ook het openen van een beleggingsrekening als je geen klant bent, valt heel erg mee.

Bij ASN was het volgens mij niet meer dan 5 minuten wat dingen invullen op de site (na veel lees- en uitzoekwerk over in welk fonds ik wilde beleggen) en toen was de rekening al direct zichtbaar in de app en kon ik dus ook al starten. Dit viel me echt mee! De app is niet de mooiste, hipste app die er is, maar hij doet wat hij moet doen. Ik heb nog nooit mijn laptop hoeven openen omdat alles zo goed vanuit de app te doen is. Plaatsen van nieuwe orders (meer geld inleggen dus). Status van lopende orders bekijken (duurt een werkdag voordat de order is verwerkt). En natuurlijk het in de gaten houden van de je rendement. Het kan allemaal via de app. Dat laatste wordt zelfs ondersteund met grafieken die je nog kunt instellen zoals jij dat wilt (bijvoorbeeld euro’s vs. procenten of rendement over hele looptijd of alleen van dit kalenderjaar (YTD)). Erg handig.

Bij Triodos was het openen van de rekening ook een fluitje van een cent en waren de stappen op de site makkelijk te volgen. Je moet alleen wel 3 werkdagen wachten voordat je kunt beginnen en je krijgt een brief thuis gestuurd waarin staat dat je daadwerkelijk kunt beginnen. Waarom?! Dit voelde heel onnodig. Want in de app van Triodos had ik al gezien dat er een beleggingsrekening was verschenen en dat ik dus kon beginnen. Een mailtje of smsje was ook prima geweest. Deze brief met deze simpele mededeling was nogal nutteloos. Voor de rest heeft Triodos een prima app, erg mooi vind ik persoonlijk, maar is wel iets meer basic qua functionaliteit. Ja je kunt nieuwe orders plaatsen vanuit de app, maar er is geen weergave voor de rendementsontwikkeling (grafiek?). Je ziet alleen een bedrag en een percentage. Geen dealbreaker natuurlijk, het gaat uiteindelijk omdat bedrag, maar ik hou van cijfers en grafieken dus deze miste ik bij Triodos met name omdat ASN het wel heeft.

Conclusie

Het klinkt een beetje suf, maar er zijn meer overeenkomsten dan verschillen tussen de twee banken. En gezien het ruime aanbod kun je bij beide banken een heel mooi beleggingsfonds selecteren dat bij jouw wensen past. Mocht je al een rekening hebben bij Triodos of ASN dan raad ik aan om daar ook te gaan beleggen. Zo heb je alles overzichtelijk op 1 plek en hoef je minder te schuiven met geld.

Beide banken hebben een online omgeving en een app waarin je makkelijk de stand van zaken rondom je beleggingen kunt volgen en eventueel nieuwe orders kunt plaatsen.

Op het gebied van duurzaamheid scoren beide banken (natuurlijk) hoog, er zijn tussen de fondsen onderling wel wat verschillen, dus als je dit belangrijk vind is het goed om dit nog even te checken op de site van Morningstar voordat je investeert.

Succes met beleggen en hopelijk heb je wat gehad aan dit artikel!

7 misverstanden over (groen) beleggen

Ik ben opgegroeid in een huishouden waar sparen de heilige graal was. Je zorgde voor goed voor jezelf door een flink bedrag op je spaarrekening te hebben voor noodgevallen en ‘voor later’. Beleggen was iets voor mensen die daar verstand van hebben en adrenalinejunkies want de risico’s waren enorm. Tenminste, dat was mijn beeld. Dat blijkt niet helemaal te kloppen en nu heb ik weleens spijt dat ik onderstaande dingen niet eerder heb gehoord! Daarom voor jullie 7 misverstanden over beleggen:

1.    Beleggen is vooral voor saaie mannen in pakken

Vroeger klopte dit misschien nog (alhoewel ik niet weet of ze allemaal saai waren), maar tegenwoordig zeker niet meer. Ja, er staan nog grote kantoren op de Zuidas waarin mensen, vaak gekleed in pak, werkzaam zijn in de financiële wereld. Maar beleggen is voor iedereen toegankelijk. Ook voor jongeren, ouderen, man, vrouw dat maakt allemaal niet uit. Er zijn tegenwoordig eenvoudige apps waarmee je kunt beleggen, vaak zelfs in de app van je eigen bank. Starten met beleggen kan al in 5 minuten! (dat klinkt als een commercial voor beleggen, maar het is echt zo, ik heb het al bij meerdere banken/apps uitgeprobeerd voor jullie!)

Photo by Ruthson Zimmerman on Unsplash

2.    Beleggen is voor rijke mensen

Absoluut niet waar. Het is misschien waar dat meer vermogende mensen eerder beleggen omdat ze daar eerder mee in aanraking komen, maar dat betekent niet dat beleggen alleen voor rijke mensen is. Als je elke maand 50 euro kunt missen en dat belegt kun je zeker over de lange termijn nog mooie rendementen halen.  

3.    Beleggen is moeilijk

Nee hoor! Als je geld op je spaarrekening kunt zetten dan kun je ook beleggen. Dat werkt namelijk grotendeels hetzelfde. Natuurlijk zijn er wel wat meer afwegingen die meespelen. Waar beleg je je geld en waarín beleg je (aandelen, obligaties of microkredieten, of een combinatie) en hoeveel risico wil je lopen? Dat brengt me gelijk bij het volgende punt:

4.    Beleggen is enorm risicovol

Nee, niet enorm risicovol. Ja het is anders dan met sparen, het bedrag dat je op je rekening hebt staan staat er over 5 jaar ook nog op. Maar het is met de huidige rente niet meer waard geworden, maar juist minder. Door inflatie kun je met datzelfde bedrag minder kopen. Bij beleggen is er een risico dat het bedrag dat je erop zet over 5 jaar een ander bedrag is. Dat kan meer geworden zijn, maar ook minder. Dat laatste is wel goed om te beseffen. Hoe groot die kans is hangt af van waar je in belegt. De vuistregel is dat risico en rendement hand in hand gaan. Dus hoe hoger het verwachte rendement, hoe hoger ook het risico dat je dat rendement niet haalt. Belangrijk is dat je een risico kiest dat bij je levenssituatie en doelen past. Dus ben je student en zet je elke maand 50 euro opzij om over 10 jaar misschien een leuk huis te kopen, dan is een hoger risico niet zo erg. Als je een hoog rendement haalt dan kun je een iets duurder huis kopen, als het rendement wat tegenvalt kun je een iets minder duur huis kopen. Het wordt al anders als je geld opzij zet voor je pensioen en daar misschien zelfs deels van afhankelijk bent omdat AOW en je pensioen alleen niet genoeg zijn. Dan loont het om een iets minder risicovolle belegging te doen. Daar hoort dan waarschijnlijk ook wel een lager rendement bij.

5.    Nu is geen goed moment om in te stappen

Een bekende uitdrukking in het beleggen is ‘het beste moment om in te stappen is gisteren’. Oftewel, je had het al moeten doen. En ja, er zijn golfbewegingen in de markt dus het ene moment zal voordeliger zijn dan een ander moment. Wanneer je op een piek instapt zal je rendement misschien in het begin niet zo hoog zijn, of misschien zelfs even negatief. Maar niemand heeft een glazen bol, dus ten eerste weet je niet precies of je instapt op een piek. En ten tweede is de lijn (koers) gezien over meerdere jaren altijd een stijgende lijn. Dus ook als je instapt op een piek waarna kan er misschien een klein dal volgen, maar dat maakt minder uit als je weet dat je er voor de lange termijn in zit. En hoef je je dus geen zorgen te maken (hoewel het niet gek is als je wel een beetje begint te zweten als je je geld eerst minder waard ziet worden).

Om er nog maar een bekende beleggingsuitdrukking in te gooien: Time in the market beats timing de market. Oftewel, het is heel moeilijk (lees onmogelijk) om de markt echt te voorspellen. Daarom geldt dat het belangrijker is hoe lang je aan het beleggen bent dan of in het goede moment bent ingestapt. Dat komt ook door het fenomeen dat ze ook wel het achtste wereldwonder noemen; rente op rente. Elke jaar wordt je belegging meer waard en ontvang je dus weer rendement over het rendement dat je het jaar ervoor hebt behaald. Je kunt dus beter nu starten en alvast je geld laten renderen dan wachten op het juiste moment.

Photo by Maxim Hopman on Unsplash

6.    Als ik beleg kan ik dus niet bij mijn geld, mocht ik het toch nodig hebben

Soms waar, maar bij de meeste banken en apps die ik ken kun je op elk moment in- én uitstappen. Het geld dat je belegt ben je dus niet voor 5 of 10 jaar kwijt, maar kun je er gewoon weer uithalen mocht je het toch onverhoopt nodig hebben dan. Heel soms betaal je een kleine fee, of moet je een dag wachten, maar je kunt dus wel op elk moment bij je geld.

7.    Beleggen is voor mensen die alleen maar rijk willen worden

Zeker niet. Ja er zijn mensen in de financiële markt die er vooral in zitten voor financieel gewin. Maar er is gelukkig ook een andere groep mensen; zij willen iets goeds doen met hun geld. Feit is dat we in Nederland gemiddeld behoorlijk wat spaargeld hebben (40-45 duizend euro per huishouden volgens het CBS). Dat is geld dat op andere plekken goed gebruikt kan worden om goede dingen mee te doen. Doordat geld te beleggen bij een duurzame, sociale bank kan dat geld gebruikt worden om groene projecten en start-ups te financieren. In ruil voor het beleggen van je geld krijg jij vervolgens een deel van het rendement van die investeringen. Je kunt dus iets goeds doen met je geld en er tegelijkertijd iets aan verdienen, mooie combinatie toch?

Wat is beleggen eigenlijk? Enkele belangrijke financiële termen uitgelegd

Beleggen, aandelen, obligaties, dividend, rendement, allemaal termen die regelmatig door elkaar gebruikt worden. Als je nieuw bent in deze wereld kan soms niet helemaal duidelijk zijn wat alles betekent en is het dus ook moeilijk te bepalen wat je ermee kunt en of het iets voor jou is. Daarom een uitleg van een paar van de belangrijkste termen als je wil beginnen met beleggen.

Wat is beleggen?

Beleggen is een hele brede term. Het bevat eigenlijk alles dat betrekking heeft op het doen van een investering met als doel daar rendement op te behalen. Oftewel, iets kopen in de hoop dat datgene naar verloop van tijd meer waard is geworden. Dat kan gaan om vastgoed, maar ook om auto’s, maar meestal gaat het over aandelen of obligaties. En ook die termen zal ik verder uitleggen.

Wat zijn aandelen?

Een aandeel is van oudsher een waardepapier waarmee je voor een deel eigenaar wordt van het bedrijf dat het aandeel heeft uitgegeven. Je bent daarmee aandeelhouder van dat bedrijf geworden. Dat betekent ook dat je daarmee stemrecht hebt gekregen op de aandeelhoudersvergadering over dingen die betrekking hebben op de koers van het bedrijf. Hoeveel stem je hebt hangt af van hoeveel aandelen je hebt. Een bedrijf kan miljoenen aandelen uitgegeven hebben dus wanneer jij 1 aandeel bezit betekent dat niet dat je direct heel veel invloed hebt. Maar toch, je bent wel officieel aandeelhouder geworden. Goed gedaan! Tegenwoordig is de aandeelhandel volledig digitaal en heb je dus thuis ook geen waardepapieren meer liggen, maar het concept is hetzelfde gebleven.

Aandelen kunnen meer of minder waard worden, dat heeft voor een groot deel te maken met hoe het bedrijf presteert of hoe mensen denken dat het bedrijf gaat presteren in de toekomst. Dit zie je met name bij een van de populairste aandelen op het moment Tesla (TSLA). Dit bedrijf maakt pas sinds een paar jaar een beetje winst en het verkoopt relatief gezien niet eens heel veel auto’s (en zonnepanelen etc.), maar toch is het bedrijf op de beurs heel veel waard. Dat komt omdat de aandelen gewild zijn en dus komt het aloude spel van vraag en aanbod om de hoek. Als er veel vraag naar iets is, stijgt de prijs. En er is veel vraag naar aandelen van Tesla omdat mensen verwachten dat ze technologie bezitten die ze in de toekomst enorm veel gaat opleveren, dus kopen mensen nu massaal deze aandelen in de hoop dat ze in de toekomst nog duurder, oftewel meer waard worden. Wanneer je de aandelen voor een hogere prijs weer kunt verkopen heb je dus geld verdient aan het handelen in aandelen.

Wat is dividend?

Bij sommige aandelen hoort ook dat je dividend krijgt uitgekeerd. Als een bedrijf winst maakt, kan het ervoor kiezen om een deel van die winst te verdelen onder de aandeelhouders. Elke aandeelhouder krijgt dan een bedrag per aandeel dat hij of zij in bezit heeft. Niet elk bedrijf doet dit, maar het kan er wel voor zorgen dat het aandeel populairder wordt omdat er dus naast een eventuele waardestijging nog een financiële beloning hoort bij het hebben van dat aandeel. Zo kun je per kwartaal of per jaar (afhankelijk van het aandeel) geld verdienen aan je aandelen zonder dat je ze hoeft te verkopen.

Wat zijn obligaties?

Een obligatie is een bewijs dat iemand jouw geld schuldig is. Dat is een wat moeilijke manier van het verwoorden van een veel bekendere term: lening. Je leent feitelijk geld aan een instantie en in ruil daarvoor krijg je een bewijs waarop staat dat je dat bedrag hebt uitgeleend en onder welke voorwaarden (rentepercentage en einddatum bijvoorbeeld). Bedrijven kunnen obligaties uitgeven (dus leningen aangaan), maar andere instanties zoals overheden ook. Meestal is het rendement op een obligatie niet zo hoog als op aandelen, maar het risico is ook veel lager. Als je bijvoorbeeld een obligatie van de overheid koopt (staatsobligatie) is het vrij zeker dat je de investering plus eventuele rente (die schommelt rond het nulpunt op dit moment) zal ontvangen. Het kan natuurlijk wel gebeuren dat de instantie waarvan je de obligatie hebt gekocht failliet gaat, het is dus ook niet geheel zonder risico. Maar omdat deze kans vrij klein is worden obligaties vaak gebruikt om een portfolio wat minder risicovol te maken. Ook obligaties kunnen overigens verhandelt worden en daardoor meer of minder waard worden. Het voordeel is echter, een obligatie van 1000 euro levert aan het eind van de looptijd je ook 1000 euro op, dat werkt bij een aandeel natuurlijk wat anders.

Wat is een indexfonds (ETF) of beleggingsfonds?

Een veelgehoord advies als je gaat beleggen is om je kansen te spreiden. Dat betekent dat je niet al je geld zet op 1 aandeel of een andere investering, maar dat je geld verdeelt over verschillende aandelen, obligaties etc. Dat is waar fondsen om de hoek komen kijken. Fondsen zijn een verzameling van aandelen en/of obligaties (en mogelijk nog andere dingen zoals microkredieten, maar voor het gemak hou ik het nu even bij aandelen). Je kunt dan dus geld inleggen in een fonds dat op haar beurt dat geld investeert in een heleboel verschillende aandelen. Een Indexfonds, ook wel ETF (Exchange Traded Fund) genoemd, volgt hierbij een index om te bepalen welke aandelen en in welke verhouding ze deze aandelen in hun bezit moeten hebben. Een bekend voorbeeld van zo’n index is die van de Amsterdamse beurs, de AEX. In deze index zijn 25 van de meest waardevolle bedrijven opgenomen die op de Amsterdamse beurs verhandeld worden. Denk hierbij aan AEGON, Ahold Delhaize, maar ook AMSL, Heineken en Unilever maken op dit moment onderdeel uit van de AEX. Als je dus investeert in een ETF dat de AEX volgt investeer je dus eigenlijk in aandelen van de bedrijven in die index. Als het goed gaat met die bedrijven stijgt de index en dus ook de waarde van het ETF en dus van jouw investering. Er zijn heel veel verschillende indexen, DOW JONES, NASDAQ, NYSE, S&P 500, zijn zomaar enkele van de bekendere internationale indexen. Door te bepalen in welk ETF je investeert, kies je dus ook hoe je je investering spreidt.

Niet alle beleggingsfondsen volgen een index. Banken en andere aanbieders kunnen ook zelf een portfolio van aandelen samenstellen en dat aanbieden als fonds om in te investeren. Een mooi voorbeeld vind ik het mixfonds van de ASN Bank. In het mixfonds zitten aandelen van duurzame bedrijven, obligaties en microkredieten. De verhouding van die 3 bepaalt het verwachte rendement, maar ook het risico. Door een samenstelling te kiezen die bij jou past kun je vrij goed bepalen waar jouw geld heengaat en het risico en rendement dat daarbij horen.

Duurzame cryptomunten bestaan niet, of wel?

Je kunt niet voor een duurzamere wereld zijn en investeren in Bitcoin en andere cryptomunten. Tenminste, dat lijkt de algehele consensus te zijn op dit moment. De werkelijkheid ligt volgens mij iets genuanceerder. Dat begint bij het over een kam scheren van alle cryptomunten. Hoe dat zit lees je in deze blog.

Om echt goed te begrijpen waarom Bitcoin veel stroom gebruikt is het goed om iets meer te weten te komen over hoe blockchaintechnologie werkt. En voordat je nu afhaakt, ik ga het proberen zo eenvoudig mogelijk uit te leggen. Daar gaat ‘ie:

Blockchain als boekhouding

Blockchaintechnologie kun je zien als een heel geavanceerde versie van een papieren boekhouding. In een papieren boekhouding houd je op elke pagina je inkomsten en uitgaven bij, oftewel je transacties. Dit is niet anders in de blockchain, er worden transacties bijgehouden van bijvoorbeeld Bitcoin. “Persoon A heeft zoveel Bitcoin overgemaakt aan persoon B” zou een voorbeeld kunnen zijn van een transactie. Net zoals je bij een papieren boekhouding een maximaal aantal transacties kwijt kunt op een pagina, kun je bij Bitcoin zo’n 2000-3000 transacties kwijt in een block. Zodra een block ‘vol’ is wordt deze vergrendeld en kunnen er geen wijzigingen meer in aangebracht worden en wordt er een nieuw blok gemaakt met daarin de informatie uit het vorige blok. Zo zitten alle blokken dus aan elkaar als een ketting van blokken, de blockchain.

Photo by NORTHFOLK on Unsplash

Proof of Work (PoW): puzzelen voor gevorderde computers

De vraag is alleen, wie bepaalt welke transacties in het blok komen? In tegenstelling tot het huidige financiële systeem bij banken is er geen centraal geregeld systeem (grote, zware servers) waarin wordt bijgehouden welke transacties hebben plaatsgevonden. Bitcoin en de meeste andere crypto’s zijn decentraal georganiseerd, vrijwel iedereen met een (goed uitgeruste) computer kan meedoen en bijdragen aan het netwerk om het zo mogelijk te maken dat andere mensen transacties kunnen doen.

Hoe bepaal je dan of deze persoon met computer te vertrouwen is? Dat doet Bitcoin door iets wat ze noemen ‘Proof of Work’. Je doet moeite (computer kopen + stroomverbruik) daardoor kun en mag je bijdragen. Die moeite zit hem bij Proof of Work in het oplossen van een moeilijke puzzel voor de computer. Hier moet de computer een tijdje hard over nadenken en dat kost veel energie. En omdat heel veel computers in het Bitcoin-netwerk tegelijkertijd aan het nadenken zijn kost dat allemaal bij elkaar best veel energie. Niemand weet precies hoeveel, maar de Universiteit van Cambridge schat tussen de 40 en 400 Terawattuur per jaar (https://cbeci.org/). Ter vergelijking, Nederland verbruikt ongeveer 141 Terawattuur per jaar. Ook wordt geschat dat inmiddels 70% van die energie groen is. Maar goed, nog steeds veel energie die mogelijk ook aan iets anders besteed had kunnen worden.

Proof of stake (PoS): je inkopen om mee te mogen doen

Het goede nieuws is dat niet elke blockchain werkt op deze manier. Modernere blockchains werken bijna altijd met Proof of Stake. Hierbij hoeven computers geen puzzels op te lossen, maar is de investering om bij te mogen dragen aan het netwerk dat je bewijst dat je ook hebt geïnvesteerd in de cryptomunt. Je koopt dus een bepaald aantal munten, deze kun je ergens ‘parkeren’ als bewijs dat je geïnvesteerd hebt in het netwerk en dus mag je bijdragen. Deze vorm verbruikt enorm veel minder energie en transacties kunnen soms zelfs op smartphone worden verwerkt. Bekendere voorbeelden van blockchains die op deze manier werken zijn Cardano (ADA) en Algorand (ALGO). Die laatste is trouwens helemaal CO2-negatief. Dat betekent dat het kleine beetje energie dat het netwerk gebruikt ook nog (automatisch) gecompenseerd wordt.

Naast deze grote verschillen tussen PoW en POS  valt er nog heel veel te zeggen over stroomverbruik van cryptomunten zoals Bitcoin, maar dat voert te ver voor deze blog. Het punt is wat mij betreft, je kunt niet alle cryptomunten en blockchaintechnologie over een kam scheren.

PS1 Volledige transparantie: op het moment van schrijven bezit ik geen Bitcoin, maar wel enkele andere, Proof-of-stake, cryptomunten.

PS2 Wil je nou nog meer weten over Bitcoin en het stroomverbruik? Kijk dan eens deze TED-talk van Lars Dittmar: